Het begint wat te wennen om de lessen online te verzorgen terwijl het merendeel van de groep fysiek aanwezig is. De groep studenten die op afstand meedoet wordt momenteel steeds groter. Meerdere studenten wachten thuis de uitslag van de corona test af of wachten tot ze getest kunnen worden.

We maken intensief gebruik van Teams, waarbij iedere werkgroep een eigen ‘kanaal’ heeft. Dat kanaal richt iedere werkgroep grotendeels naar eigen inzicht in. Vaste onderdelen in iedere groep zijn: een scrumbord via Trello, een wordbestand met logboek en een wordbestand met een overzicht van geraadpleegde bronnen. Deze drie documenten werken ze iedere dag dat ze aan het project werken bij.

Voor mezelf is het nog een beetje zoeken. Ik heb de neiging om vooral fysiek rond te lopen en af te gaan op het gedrag van de studenten om te peilen hoe het gaat. Ik zie bij alle groepen studenten fysiek en op video met elkaar overleggen. Werkgroepleden die niet fysiek op school kunnen zijn doen op afstand mee. Binnen de groepen is inmiddels behoorlijke onderlinge binding ontstaan en de virtuele aanwezigheid lijkt nauwelijks van invloed op het groepsproces.

Afgaand op het gedrag van de studenten, de gesprekjes die ik met hen heb en de vragen die zij aan mij stellen ben ik best tevreden hoe het gaat. De activiteiten die ze ondernemen zijn passend bij de fase van het project.

Het enige dat ik nog anders zou willen doen is wat vaker virtueel langs de kanalen lopen om inhoudelijk intensiever te volgen wat daar gebeurt. Ik ervaar daar bij mezelf weerstand bij, alsof ik de studenten bespioneer terwijl ik ze juist vertrouwen wil geven. De volgende bijeenkomst zal ik hen vragen hoe ze dat ervaren.