Ze werkt al 5 jaar als docent natuur- en scheikunde en doet haar opleiding ernaast. Dat betekent dat haar opleiding trager verloopt dan bij studenten die het reguliere programma volgen. Ze is nu de ‘gaten in de kaas’ aan het vullen en kan binnenkort afstuderen. In haar portfolio zie ik filmpjes met uitleg, zowel zelf gemaakt als bestaand, met behulp van wikiwijs zelfgemaakt digitaal lesmateriaal, quizzes en toetsen, aanvullingen op de digitale methode, beschrijvingen van proefjes die de leerlingen thuis kunnen doen (zodat ze ook eens even niet achter de computer hoeven zitten), app berichtjes met antwoorden op vragen van leerlingen, een kopietje van een chat die tijdens een online video-les en een overzichtelijk ingerichte online omgeving. In het portfolio zie ik hoe ze differentieert en hoe ze omgaat met sociale media en haar leerlingen daarin begeleidt. Overigens maak ik me over dat laatste geen enkele zorgen. Ze laat geen onrecht in haar directe omgeving toe en is daar heel duidelijk in. Met deze gepassioneerde ‘recht door zee’ aanpak hebben we ook binnen de opleiding weleens te maken. Richting leerlingen kan ze waarschijnlijk niet anders.

Voorafgaand aan het afsluitende gesprek heb ik een aantal vragen opgesteld en een inschatting gemaakt van de beoordeling. Een goed zit er wel in.

Uit het gesprek blijkt dat ze goed bereikbaar is voor alle leerlingen die les van haar krijgen, ook leerlingen uit andere mentorgroepen. Ze geeft toe dat niet alle collega’s dat waarderen. Die collega’s voelen zich gepasseerd. Omgekeerd begrijpt zij niet waarom die collega’s dan zo onbereikbaar zijn voor de leerlingen.

Op de vraag of er nog meer dingen op het gebied van digitaal mediagebruik van collega’s zijn die zij niet begrijpt volgt een stortvloed van verbazingwekkende ervaringen. Uit het verhaal blijkt ook dat ze het niet laat bij verbazing.  Ze helpt hen als het even niet lukt. Uit het verhaal blijkt een gezonde wisselwerking tussen de wat meer belegen collega’s en deze jonge hond, met een mooi online programma als resultaat.

Gelukkig mag ik dat volgens het beoordelingsmodel waarderen.

‘Ik geef je een uitstekend’ zeg ik.

Ze valt stil. Op het scherm zag ik haar lippen trillen. Er rolt een dikke traan over haar wang.

Ze zegt: “dank je wel, wat fijn dat je me ziet”.