Voor het eerst sinds drie maanden zien we elkaar weer fysiek. We hebben een weilandje aan het water bij een boer waar we kunnen zwemmen, kanovaren, wat drinken en BBQ-en. Iedereen doet wat. Sommigen hebben iets lekkers gebakken, anderen helpen mee met de salades en weer anderen helpen mee om het terrein gezellig in te richten. De boer komt af en toe eens langs. Een andere erfbewoner is heel blij voor de studenten dat ze elkaar na zo lange tijd eindelijk fysiek weer eens kunnen zien.

De studenten zijn verrassend rustig. De oude verbonden worden weer opgepakt alsof er niets is gebeurd. Groepjes studenten hebben elkaar onderling wel opgezocht tijdens de schoolsluiting, het is daardoor niet voor iedereen het eerste weerzien. De verbinders in de groep doen hun werk. Ze maken hier en daar een praatje en houden in de gaten of iedereen het naar de zin heeft. De gangmakers krijgen iedereen het water op en ín. De studenten die van een goed gesprek houden zoeken het theehoekje op. Het is mooi om de groep zo gade te slaan. Online blijft dit onzichtbaar. Fysiek is dit meteen te zien.

De boer heeft een bijzonder verzoek: of we vooral willen plassen in het andere weiland, dat is goede bemesting. Na enige verbazing loopt iedereen die even wat wil klateren best een eindje weg. Na wat pilsjes op wordt die afstand steeds korter. Voor de grote boodschap heeft de boer droogtoiletten ingericht. Het is even wennen, maar functioneert.

De worsten en hamburgers gemaakt van een koe van eigen land smaken prima, evenals de salade, niet van eigen land helaas, maar wel zelf samengesteld.

Het groepsgevoel is meteen weer terug. Of is het nooit weggeweest? Wat is dat eigenlijk, een ‘groepsgevoel’? Online was het groepsgevoel er ook wel. Toch voelde dat anders.

Het is fijn om met het oude groepsgevoel de vakantie in te kunnen gaan. Het ga iedereen goed!